Weert Magazine - page 17

vloog. Maar helaas: hij kreeg een brilletje aan-
gemeten. ‘Einde piloot’ in die dagen. Er be-
stonden nog geen laserbehandelingen, waarmee
ze je ogen in ‘n kwartiertje konden ‘resetten’.
Tenslotte zou Wim fysiotherapeut worden, net
als zijn oudere broer. Ook dat idee struikelde.
“Mijn wiskundeknobbel kwam te laat tot ont-
luiken. Ik zat al op 4 VWO, met een uitgedund
wiskundepakket, toen ik daar achter kwam. An-
ders had ik mooi naar de TU Twente gekund. Met
de fiets. Nu werd gekozen voor een medicijnen-
studie aan de Radboud in Nijmegen. Mijn vader
raadde Groningen af. ‘Nijmegen is veel dichter-
bij’, zei hij. Hij zal ongetwijfeld gedacht heb-
ben: ‘Dan komt hij tenminste vaker naar huis!’
Ik kijk graag op luchthavens rond, dat boeit
me. Ik geniet van de vliegtuigen die langsko-
men en van die ‘deftige’ kleurrijke cabinebe-
manningen die met hun rolkoffertjes arriveren.
De eerste keer dat ik met Ryanair van vliegveld
Weeze vloog, was fascinerend. Ik moest voor
het eerst zelf naar het vliegtuig lopen en zelf
met de trap naar binnen. Ik vind vliegtuigtech-
niek en scheepvaarttechniek echt geweldig.”
Weert
“Tijdens mijn Nijmeegse studie wilde ik tropen-
arts worden. Kwam daar toch de missionaris uit
mijn jeugd boven? Meerdere ziekenhuizen had-
den een tropenopleiding, ook SJG Weert. Meteen
na mijn afstuderen en mijn diensttijd trouwde
ik met mijn Hoensbroekse vrouw Margreth. Er
liepen wat sollicitaties, waaronder Weert. Die
zochten contact. Of ik kon komen als assistent
Eerste Hulp. Het betrof ‘langdurige vervanging’.
Wij stelden ‘heel meedenkend’ onze huwelijks-
reis twee maanden uit en begonnen. Ik werkte
één jaar op de Eerste Hulp, daarna vijf maanden
op de verloskamer. Het katholieke Limburg lag
mij wel: vergelijkbaar met de Twentse volksaard.
Alhoewel ‘Tukkers’ elkaar gemakkelijker groeten
dan hier. Maar zeker toegankelijk. Ik moet er niet
aan denken om huisarts in Amsterdam te zijn.
Margreth was eigenlijk onderwijzeres maar toen
we elkaar leerden kennen studeerde ze klini-
sche psychologie in Nijmegen. Die studie rond-
de ze tijdens onze huwelijksjaren af. Ze had
als bijvak ‘pastoraat’ en dat sprak haar enorm
aan. Een fijne bijkomstigheid was dat onze kin-
deren altijd een fijne moeder thuis hadden. Dat
was heel veel waard.” Het gezin Baake heeft
vier kinderen: de dochters Ruth (28) en Anna
(25) en de zonen Jonathan (26) en Tobias (23).
Arts
“Ik kreeg van thuis mee dat je iets voor medemen-
sen moest betekenen. Soms noemden ze dat ‘roe-
ping’. Politiemensen, pastoors en artsen hadden
een roeping. Een rare denkwijze. Is stratenmaker
of loodgieter geen roeping dan? Ik vind arts nog
steeds een plezierig vak, maar niet de rompslomp
er omheen. De herziening van het zorgstelsel en
de Wmo zijn zeer ingrijpende veranderingen.
Anderzijds: als we doorgaan zoals nu is Ne-
derland in 2040 failliet! Toen het Hospice in
Weert startte, was ik dertien jaar huisarts en
had dus al veel mensen naar hun einde mo-
gen begeleiden. Mijn overtuiging is dat je,
als je mensen onmogelijk beter kunt maken,
nog veel kunt doen om ze een mooi, gevoel-
vol afscheid te bezorgen. Wie in het Franciscus
Hospice wordt opgenomen, wordt niet meer be-
ter en zal binnenkort sterven. Dat is de realiteit!
De strijd van behandelen en hopen op herstel
moet worden afgesloten. En het afscheid gaat
komen. Ook deze fase kan veel kostbare mo-
menten brengen, die in de vaart van alledag
de mensen vaak ontsnappen. Een ontmoeting
met een oude kennis of het herstel van een ver-
stoorde relatie kan heel heilzaam zijn en ver-
mindert dikwijls lichamelijke pijn. Ode aan de
werkers en vrijwilligers die hier hun werk doen.
Ten tijde van mijn opleiding was palliatieve zorg
nogeenzwart gatwaardeuitbehandeldepatiënten
in vielen. De Poolse arts Zylicz (destijds in Arnhem
werkzaam) is hier een grote voortrekker geweest.
graag de
naar
luisteren…”
hoofd
stuk
17
1...,7,8,9,10,11,12,13,14,15,16 18,19,20,21,22,23,24,25,26,27,...32
Powered by FlippingBook