Vakantiemijmeringen

Niets zo lekker als lekker niets doen tijdens je vakantie. Er waren tijden dat ik me schuldig voelde bij niets doen. Maar ik ben erachter gekomen dat niets doen niet bestaat. Misschien doe je zelfs meer! Je observeert, heel traag, maar daardoor met oog voor ieder detail. Je geniet van dingen die je anders niet zag, niet opmerkelijk vond. Het is iets tussen dagdromen en overpeinzen in. Heerlijk!

Vanaf het terras van ons appartement kijk ik uit over de baai van Tivat. Bootjes trekken strepen in de golfslag. Stroomt het water de ene keer naar links en dan naar rechts? Met donderend geraas komt een vliegtuig over. Stijgen die op tegen de wind in of met wind mee? Ik snuif de geuren op van bomen, bloemen en struikgewas, vang een concert vogelgeluiden op zoals nooit eerder gehoord.

Zwaluwen scheren met ongekende snelheid tussen een woud van metershoge betonijzeren staven door op het eerste dek van een huis in aanbouw. Een vrouwtjeshuismus zit trillend met licht gespreide vleugeltjes in de dakgoot van het gebouw naast het onze. Ze spoort het mannetje aan om er werk van te maken.

Lome warmte, een zuchtje wind en luie alertheid voeden mijn naar verklaringen zoekende fantasie. Zouden er ook domme zwaluwen zijn? Er zijn tenslotte ook domme mensen. Zwaluwen die even niet opletten of zich misrekenen en tegen zo’n ijzeren staaf vliegen?
Vrouwtje huismus lijkt er wel pap van te lusten. Keer op keer moedigt ze het mannetje trillend aan haar te bespringen. Ik blijf het tafereel volgen en zie het mannetje tenslotte achteloos een andere kant op kijken. Ik heb met ‘m te doen. Zijn zelfbeeld van onverzadigbare dekhengst wordt hier aan flarden gefladderd.

Het zogenaamde ‘niets doen’ verjaagt iedere gejaagdheid uit mijn lichaam. Ik observeer intens en geniet van hoe de wereld om mij heen roestig functioneert zonder dat ik daar enige invloed op heb of wil hebben. Het klinkt wat theatraal maar ik krijg er onmiskenbaar een gelukzalige blik van: Een bus die ruim een uur te laat vertrekt, verkeersregels die je met grote korrels zout moet nemen, toegangspoortjes die iedere toegang weigeren.

Ik geniet zelfs van onvriendelijke loketbeambten en kassières. Waarom zijn vooral de vrouwen hier in Montenegro zo chronisch onaardig? Hun standaard gezichtsuitdrukking is er een van argwaan en agressie. Zo’n tronie die je in ons land ziet bij vrouwen die zich met scheld- en vechtpartijen ontworsteld hebben aan de tirannie van dronken en gewelddadige echtgenoten. Door de eeuwen heen hebben hier heel wat Balkanoorlogen gewoed, met beestachtig geweld, moord en verkrachting. Zou er sprake zijn van een evolutionaire aanpassing? Dat die verbeten gelaatstrekken in hun genen zijn geslopen?

Als ik ’s avonds routinematig mijn tanden twee minuten poets, overdenk ik alle indrukken van die dag en de diepzinnig dartelende gedachten die ik eraan koppelde. Geleidelijk dringt het besef door dat die twee minuten langer duren dan normaal. De realiteit van thuis slaat in één klap binnen: Dit is geen elektrische tandenborstel!