Weert Magazine - page 16-17

De hel
Officieel op 1 januari 2015 neemt Rijkswaterstaat
alle taken bij de stadsbrug en de Biesterbrug
over. De bruggen worden voortaan aangestuurd
vanuit een ver-weg-kantoor in Tilburg! Het zo
herkenbare brugwachtersgezicht van Ben Wente-
ler is helaas geschiedenis. Maar hij was al wat
langer uit beeld.
Ben Wenteler (52): “Ik vind het verschrikkelijk
dat ik mijn mooie baan kwijt ben, maar de re-
den dat ze mij vanaf begin 2014 niet meer bij
de brug zagen, had met mijn gezondheid te ma-
ken. Ik kreeg in maart ondraaglijke pijn in mijn
buik. Volgens de huisarts waren het zenuwen op
de maag. Toen ik plotseling bloed in mijn ontlas-
ting en mijn urine kreeg, kon ik nog net de buur-
vrouw waarschuwen om me naar de eerste hulp
te brengen. Ik lag vier dagen in het SJG, maar ze
stuurden me al snel door naar Catharina in Eind-
hoven. Daar bleek ik een gezwel te hebben bij de
alvleesklier en de twaalfvingerige darm. Groter
dan een tennisbal. Natuurlijk dachten ze meteen
aan kanker. Zeker bij de alvleesklier gaan meteen
alle seinen op rood. In april had ik een gesprek
met de behandelende arts die heel rechtstreeks
was: ‘Meneer, Wenteler, u kunt beter naar huis
gaan en alles regelen.’ Het was uitzichtloos! Ik
voelde de vloer onder me weg schuiven. Ik heb
op de gemeentewerf de collega’s bij elkaar ge-
roepen en openlijk verteld hoe de vlag erbij hing.
Een heel emotionele bijeenkomst.
Thuis had ik ook alles geregeld. Ik had zelfs mijn
auto al verkocht aan iemand die hem na mijn
Weerter stadsbrug
is zijn
gezicht kwijt…
De Weerter stadsbrug zal nooit meer hetzelfde zijn. Al doen de wapperdoeken aan de vier hijstorens nog
zo hun best om passanten te laten geloven dat Weert serieus opstoomt naar mondiale erkenning… Je mist
iets. Het gezicht is weg! De man in het gele jack, altijd vergezeld van zijn immense marifoon! Die tegen
elke passant zijn arm uit de kom zwaaide uit puur enthousiasme. Of het nou 10 graden vroor, de mussen
van het dak spoelden van de regen, of dat het 35 graden heet was. Weinig mensen in Weert bouwden meer
sympathie op dan Ben Wenteler.
Door Jan Strick
overlijden zou overnemen. Ik wilde dat mijn
vrouw ruimer in de slappe was zou zitten als ik er
niet meer was.”
Moordende spanning
Tegenover de schrijver zit een voorlopig gezond
verklaarde, moedige man van 52. De eerlijkheid
gebiedt te zeggen: ze hebben hem danig toege-
takeld tijdens de operatie van negen uur. Dwars
over zijn buik loopt een snee van 30 cm. die met
veel zorg is dichtgemaakt. Het lijkt wel een sier-
steek. In zijn hals zit ook een flinke jaap, omdat
ze daar wat aders nodig hadden. Als hij wil gaan
demonstreren dat de doktoren ook flink hebben
huisgehouden in zijn bovenbenen en liezen wordt
hij bedankt voor verdere demonstratie. De gla-
zen kantoren op de Weerter gemeentewerf zijn
daarvoor niet direct het meest geschikte podium.
Ben: “Er zit nog een gezwel dat vanzelf weg moet
gaan. Als dat niet zo is, kunnen ze niks meer
doen!“ Hij moet binnenkort weer op controle.
Overbodig uit te leggen met hoeveel spanning hij
richting Eindhoven zal reizen.
Amsterdam
Ben Wenteler praat open over zijn roerige
geschiedenis, die in 1962 in Amsterdam begon.
Zijn ouders overleden allebei toen ze net in de
veertig waren. De meeste informatie over zijn
vroegste jeugd heeft hij van een neef. Ben:
“Ik werd geboren in het Elisabethziekenhuis
in Amsterdam-Zuid. In De Pijp, waar nu het
standbeeld van André Hazes staat (een van zijn
idolen). Ik had een dubbele hazenlip en in die
tijd werd je met zo’n handicap ver buiten het
zicht gehouden van de boze buitenwereld. Ik
schijn de eerste levensjaren zelfs alleen in een
vochtig keldertje te hebben gelegen. Het gevolg
was dat ik niet groeide en op andere gebieden
achterstand opliep. Niemand die mij hielp met
leren lopen of praten, terwijl de eerst vijf jaar
juist cruciaal zijn voor een kind. Toen ik 4½
jaar was kwam ik in een pleeggezin; de familie
Wenteler. Mijn pleegvader Gerard Wenteler was
al vanaf 1961 onderdirecteur van Thermopal in
Weert, de voorloper van Hoechst. Daar werkten
toentertijd 900 mensen. Het bedrijf lag in een
grote, kale vlakte, waar je herten, vossen en
hazen zag lopen. Mijn pleegvader en -moeder
waren heel streng: orde en tucht! Misschien kwam
het doordat mijn vader lang ondergedoken heeft
gezeten toen ze hem zochten voor een werkkamp
in Duitsland. Hij had altijd veel stress van zijn
werk en daar is hij tenslotte ook aan bezweken.”
Weerter periode
In 1967 verhuisde het (pleeg)gezin naar Weert.
De eerste tijd stond vooral in het teken van
operaties van Ben. “Ik ben twintig keer geope-
reerd: tien keer in Eindhoven en tien keer in
Nieuwegein. Het ging niet alleen om een recon-
structie van die twee hazenlippen, er moest ook
het nodige worden vervangen aan mijn gehemel-
te en mijn huig. Een traumatische periode. Elke
drie maanden was ik de klos. Je kreeg teveel rot-
tigheid tegelijk op je bord en door de veelvuldige
uitval op school werd mijn achterstand alsmaar
groter. Althans: dat is mijn overtuiging.”
Het gezin woonde aan de Overweertstraat en
Ben kwam terecht op de Biest, op het schooltje
van de legendarische Rogstaeker Meister van den
Bosch. Wat er gebeurde laat zich raden. Ben werd
voortdurend gepest en nergens voor gevraagd of
uitgenodigd. Hij was helemaal op zichzelf aan-
gewezen. Het raakte de jonge Ben zo zeer dat
hij er overspannen van werd. “Op school had ik
een meester Fransen die wel probeerde mij te
beschermen, maar ja, die was ook niet altijd in
de buurt.”
Strenge vader
Veel Weertenaren kennen Ben nog van de Torro
aan de Nieuwe Markt, een winkelformule uit de
jaren tachtig van de vorige eeuw. Hij werd een
ijverige vakkenvuller die zeer punctueel werkte.
Zakkenvuller zou hij daar nooit worden maar hij
verdiende genoeg om zijn rijbewijs bijeen te
scharrelen. Ben: “Hoewel ik alles zelf bekostig-
de, moest ik van mijn vader per se een bepaalde
rij-instructeur nemen. Een ex-beroepsmilitair.
Een echte driller die nog nét geen zweep gebruik-
te. Ook bij de keuze van mijn zelf betaalde auto
bepaalde pa wat er gebeurde. Ik had gespaard
voor een autootje van zeven jaar oud maar van
hem moest ik beginnen met eentje van minimaal
tien jaar. Als hij opdrachten gaf moest het ook
steeds meteen klaar. Mijn eerste autootje werd
een Datsun, met een versnellingspook die bijna
hoofd
stuk
16
hoofd
stuk
17
Ben Wenteler
1,2-3,4-5,6-7,8-9,10-11,12-13,14-15 18-19,20-21,22-23,24-25,26-27,28-29,30-31,32
Powered by FlippingBook