Het begint, legt Verheijden uit, met de aanschaf
en het transport van zo´n vijftien uit de kluiten
gewassen dennenbomen, die het kersttafereel
body moeten geven. Voor het transport daarvan
krijgen de organisatoren altijd de belangeloze
medewerking van Gerrit Pruijmboom, die de den-
nen met zijn vrachtwagen van het bos naar de
Matthiaskerk vervoert. Dat transport wordt altijd
op traditionele wijze in de sacristie beklonken
met een middagmaal van erwtensoep, bereid
door de dames die in de kerk de bloemen ver-
zorgen. “Het leukste dat er is”, vinden de noeste
werkers.
De dennenbomen worden steeds als eerste
geplaatst en daar omheen wordt vervolgens het
bijbelse landschap vorm gegeven. Vrijwel altijd
een berglandschap, want ja, Palestina zag er nu
eenmaal anders uit dan het vlakke Nederland.
Voor dat landschap tekent in eerste instantie
Peter van Dooren. Hij gaat aan de slag met
enkele rollen zogeheten grottenpapier, en zo te
horen niet al te zachtzinnig. Het gladde papier
wordt opgefrommeld tot een grote voetbal, en
daarna weer uiteen getrokken. Zo krijgt het
materiaal min of meer de structuur van grove
steen, legt hij uit. Vervolgens wordt het op
latten gespannen en zo veel mogelijk in model
geplooid en zo vastgeniet. Een heidens karwei,
waar heel wat nietjes in gaan zitten. Van Dooren
lacht: “Als ik voor elk nietje een euro zou krijgen
had ik veel geld in mijn portemonnee.” Het aldus
opgebouwde landschap wordt hierna verder
´aangekleed´ met mos, boompjes en struikjes.
Waarna dan ten slotte alle kerstfiguren geplaatst
kunnen worden. En dat zijn er nogal wat. Want
naast Maria met het kindje Jezus, Jozef, de
herders, engelen en de drie koningen wordt het
tafereel bevolkt door allerlei andere schepselen
van de Heer. Schaapjes natuurlijk, maar ook meer
exotisch vee. Zo´n twintig opgezette dieren als
vossen en uitheemse vogels, die elk jaar worden
uitgeleend door hun eigenaar Ton van der Loo.
Het kerstlandschap wordt dit jaar met een bij-
zondere aanvulling opgesierd. Een modelbouwer-
verzamelaar, een oud-Leukenaar die onbekend
wenst te blijven, heeft voor deze gelegenheid
een aantal modelhuisjes beschikbaar gesteld.
Het zijn modellen die de wat oudere Leukenaren
nog wel kunnen plaatsen. Zoals de voormalige
St. Job-kapel en enkele markante woningen die
her en der stonden of nog staan in de wijk. Een
ware eyecatcher!
En wat zijn nou ieder jaar de kosten die gemaakt
moeten worden om het tafereel op te zetten? De
heren moeten er even over denken. Kennelijk is
het geld nooit hun grootste zorg: “Zeg maar een
paar honderd euro.” En dat hoeft het kerkbestuur
ook nog niet eens uit eigen middelen op te hoes-
ten, zegt Van Dooren. “We hebben daarvoor een
sponsorpotje. Dat wordt altijd weer gevuld door
dezelfde sponsoren. Dat zijn er ongeveer twintig.
De een schenkt een tientje, de ander vijfentwin-
tig euro.” “En daar zijn we heel blij mee”, vult
Verheijden aan.
Het enorme kersttafereel is de afgelopen twee
kerstdagen al te bezichtigen geweest. Ook nog op
27 en 28 december, 3, 4, 10 en 11 januari en op
10 en 11 januari, telkens vanaf de kerkdiensten
tot 17.00 uur. De bezoekers van de Leukense kerk
kunnen tijdens die uren ook nog terecht in de
dagkapel, waar zoals ieder jaar een tentoonstel-
ling van kerstgroepen te bezichtigen is.
achtergrond
op
de
voorgrond
Tjeu Coumans, Jack Briels, Mart Verheijden en Peter van Dooren (vlnr) buigen zich over de plannen voor het kersttafereel.
6