Theu van Meijl (69) is afkomstig uit Gastel. Zijn
Brabantse accent klinkt nog een beetje door in
zijn stem ook al woont hij inmiddels al drieën-
dertig jaar in Weert. Hij is een van de vijftien
kinderen uit het gezin Van Meijl. “Nummer elf, ik
maakte het elftal aan jongens compleet”, vertelt
Theu. “Er waren vier meisjes. Een kindje is met
acht maanden al overleden. Mijn zusjes zorgden
eigenlijk voor mij want mijn moeder was druk
met alles rond het gezin en ze had ook nog een
kruidenierswinkeltje. Mijn vader was landbouwer
maar na de sanering ging hij de bouw in. Ik werd
ook bouwvakker en had eerst een aannemersbe-
drijf en daarna een klusbedrijf.
Ik was 23 jaar toen ik mijn EHBO-diploma in
Budel behaalde. Toen mijn moeder een adverten-
tie zag in het bondsboekje van de EHBO waarin
een oproep werd gedaan om als hulpverlener
mee te gaan met de bedevaartreis naar Lourdes,
zei ze: “Dat lijkt me net iets voor jou.” Zelf had
ze samen mijn vader net een Lourdesreis ge-
maakt. Mijn moeder had gelijk. Op 8 mei 1969
ging ik voor het eerst mee. Met de trein. De lei-
ding vroeg of ik in de bouwvakvakantie nog een
keer mee wilde. Dat deed ik graag en toen ben ik
dat jaar ook nog in oktober met de kinderbede-
vaart meegegaan.”
Honderd keer
In een hoekje van de tuin bij het kippenhok heeft
Theu een grote nis gemetseld met daarin het
beeld van de heilige Maria. Er branden lichtjes
bij en sinds kort is het beeld van Bernadette van
Lourdes er ook bij gezet. Op de kleine plaquette
staan twee data: 8 mei 1969, de dag dat hij de
eerste keer ging en 16 september 2014, de dag
dat hij voor de honderdste keer de bedevaart-
plaats bezocht.
“De groep mensen in de bus die ik bij mijn ne-
gentigste bezoek aan Lourdes begeleidde, hebben
mij het Mariabeeld geschonken. Het andere beeld
kreeg ik bij mijn honderdste reis van de groep die
toen meereisde. Er is een klein aantal pelgrims
dat vaker meegaat. Landelijk gaan er jaarlijks
in Nederland nog 1100 mensen mee op Lourdes-
reis. Dat kan met de trein, het vliegtuig of de
bus. Dat aantal is wel groter geweest. De men-
sen die meegaan zijn meestal ouder dan vijftig.
Soms zijn er wat jongeren bij die dan hun moeder
of vader begeleiden. Dan hoor je later van hen:
‘Dit had ik niet verwacht, zoveel mensen die el-
kaar als vanzelfsprekend helpen.’ Voor mij blijft
elke reis steeds weer opnieuw een bijzondere
ervaring. Mijn werkgebied is voornamelijk Weert
en omgeving, de gemeente Cranendonck en de
Belgische gemeenten Hamont en Bree. Ik ga al-
tijd persoonlijk op bezoek bij de mensen die zich
hebben opgeven voor een Lourdesreis. Dan kan
ik kijken of er extra zorg nodig is. En hoe ze het
beste kunnen reizen.
Tijdens de reis probeer ik de mensen ook te amu-
seren. Veel dragen een rugzak vol verdriet mee.
Die moet na de reis leeg zijn. Door alles wat er
gebeurt, ervaren ze weer de kracht om verder te
gaan. We vormen in de bus een groep die naar
elkaar toegroeit. Die samen alles deelt. Als we
vertrekken vanuit Lourdes gaan we eerst nog met
zijn allen naar de grot. Iedereen die wil kan een
intentie uitspreken waar we dan samen voor bid-
den. Het is emotioneel maar de mensen vinden
het wel heel fijn. Meestal krijg ik na de reis nog
reacties via e-mail, brieven of een kaartje met
Kerst.
Op een van mijn reizen zaten er in het gezel-
schap ook mensen uit Aruba. Die waren vanuit
Nederland met ons meegegaan. We raakten aan
de praat. Een van hen zei dat hij graag zou heb-
ben dat ik ook op Aruba zou vertellen over de
Lourdesreizen om deze te promoten.
Mijn vrouw en ik zijn er toen samen heen ge-
gaan en dat beviel zo goed dat we daarna nog
een aantal keren zijn geweest. Op Aruba is ook
een nagebouwde Lourdesgrot waar een viering
plaatsvindt. Daarna houd ik een toespraak en
geef informatie over de Lourdesreizen die we or-
ganiseren.
Mijn vrouw Marja ontmoette ik in 1976 op een
van de bedevaartstochten. Zij was daar ook om
te helpen. “Ik was toen bij de EHBO-gezinshulp”,
vertelt Marja. “Theu was leidinggevende. We
begeleidden voornamelijk rolstoelers. Inmiddels
ben ik er ook al 35 keer geweest. Ik kon niet zo
vaak als Theu gaan. We hebben twee kinderen,
zoon Marc en dochter Sonja. En met het werk viel
het ook niet altijd te combineren.”
“En inmiddels is er een eerste kleinkind, Floor,
van vier maanden oud”, zegt Theu met trots.
“Daar gaan we ook op passen binnenkort.
Zelf ben ik twee keer niet meegegaan. Een keer
stond Marja op het punt van bevallen en een keer
was ik nog herstellende na een hartinfarct. Vier
keer heb ik een hartinfarct gekregen. Ik denk dat
ik tot nog toe door alles goed ben heen gekomen
mede door mijn bezoekjes aan Lourdes!”
Theu van Meijl,
honderd
keer naar Lourdes
“Ik ken er de weg beter dan in Weert!”
Het begeleiden van mensen tijdens hun reis en verblijf in Lourdes is voor Theu bijna vanzelfsprekend.
Honderd keer is hij al meegegaan. Een reis met zijn zoon Marc zal hij nooit vergeten. Voor hem gebeurde
er toen een wonder. Het verhaal vertelt hij iedere keer als hij weer met een groep de reis naar Lourdes
maakt. Maar ook mensen met een verstandelijke beperking kunnen op Theu en zijn vrouw Marja rekenen
als zij als vrijwilligers met hen meereizen naar hun vakantiebestemming.
Door Winnie van Oorschot
vertel’
ns
9