Weert Magazine - page 22

Opleiding en carrière in
de grafische wereld
SENIOREN
SPECIAL
mooi
mens
over de Vijftigers, de Cobragroep, Karel Appel en
dat wakkerde bij mij het vlammetje weer aan.”
“Na de ulo moest er brood op de plank komen
en als je kon tekenen dan ging je in Weert naar
Smeets Drukkerijen, daar kon je lithograaf wor-
den. Ik werd aangenomen maar de opleiding tot
lithograaf zat vol en ik moest tijdelijk de pro-
ductie in. Daar bleek dat ik kleurenblind was! Ik
kon de opleiding op mijn buik schrijven. Mijn ver-
dere loopbaan in de grafische wereld lag volledig
op het bedrijfseconomische vlak. Ik was order-
voorbereider, calculator, behaalde de diploma’s
Kostprijsberekening, Staf en Kader en Assistent
Econoom van het ISW, maakte offertes, was
bloedfanatiek in de OR en sloot na drieënveertig
jaar mijn carrière af bij drukkerij Claessens in
Sittard. In mijn vrije tijd bleef ik echter altijd
tekenen en schilderen.”
Carnaval
“Ik ben helemaal geen carnavalist en ben in dat
wereldje terecht gekomen omdat het mij de mo-
gelijkheid bood om te schilderen. Ik was een ein-
zelgänger in de groep, of het nu bij de Lapzwânze
was of bij de decorbouwers, ik deed mijn ding,
dat waar ik goed in was. In die kwaliteit kende
ik geen bescheidenheid al liep ik er niet mee te
koop.
Ook andere carnavalsverenigingen wisten mij
te vinden om optochtcreaties uit te tekenen en
te schilderen en de Rogstaekers vroegen mij om
naast de decors voor de bonte avonden onder-
scheidingen te ontwerpen, prinsenwagens te
schilderen en als jurylid in de grote optocht te
fungeren. Dat heb ik jarenlang met veel plezier
gedaan maar op een gegeven moment was ik
helemaal uitgekeken op dat decoratieve aspect
van het schilderen. Ik wilde meer. In 1994 had
ik bij het toenmalige Kunstcollege de vierjarige
Certificaatscursus Tekenen/Schilderen afgerond,
een gedegen opleiding waar ik veel geleerd heb.
Docent Theo Vleeshouwers schonk veel aandacht
aan echte vaktechnische zaken als compositie,
lijn- en luchtperspectief, kleurcontrasten en
beeldelementen. Daardoor durf ik nu ook te zeg-
gen dat ik als amateur op een vrij hoog niveau
sta. Ik bezoek vaak musea en begin me dan toch
af en toe af te vragen of de minachting van som-
mige kunstenaars voor hun kijkers tot het huidige
tijdsbeeld behoort of voortkomt uit pure onkunde.
Ik schilder nu alleen wat ik zelf wil, op mijn ma-
nier en vrij van de verwachting van anderen.
Vroeger was ik bezig met de vraag ‘Vinden ande-
ren het wel mooi?’ Geleidelijk heb ik mijn eigen
Jan van Riet-stijl ontwikkeld. Ik begin met een
vaag idee, zet kleurvlakken op het doek, bouw
het laag voor laag op en langzaam ontstaat er een
expressief werk.”
Ommekeer
“Heel belangrijk hierbij was mijn samenwerking
met Jan Tullemans. In 2004 maakten wij samen
de decors voor de musical Herfst. Jan Tullemans
was een man van de keiharde maar eerlijke me-
ning. Daar heb ik veel aan gehad. Hij confron-
teerde mij heel direct met het feit dat ik het
doodmoe was om decoraties en decors te schil-
deren en dat ik meer in mijn mars had. Hij sprak
ook het vertrouwen in mijn kwaliteiten uit en liet
mij onder zijn naam schilderen. “Det zuut toch
neemus”, zei hij dan. Dat was voor mij het juiste
zetje om van de decoratieve schilderkunst over
te stappen naar de creatieve. Daar had ik altijd
een bepaalde gêne bij gevoeld, dat was iets voor
de artistiekelingen die de kunstacademie hadden
gevolgd. Die schroom heb ik uiteindelijk van me
af kunnen gooien en ik ben gaan exposeren in de
Theuniskapel, Galerie de Biest, de foyer van het
Munttheater en onlangs nog in Molen de Koren-
bloem in Ospel. Ik heb wandschilderingen ge-
maakt in het Sint Jans Gasthuis en in Mariënburgh
in Budel en het carnavalsmonument op rotonde
‘Bloemen’ ontworpen.”
Betekent dat dat je een groot deel van je leven
met een gevoel van minderwaardigheid hebt
rondgelopen?
“Inderdaad, ik voelde me vaak tekortgedaan in
de vergelijking met de ‘echte’ kunstenaars van
de kunstacademie. Daarbij heb ik te lang dingen
gedaan waar ik niet gelukkig van werd, alleen
maar om anderen te plezieren. Ik kon heel moei-
lijk ‘nee’ zeggen. De confronterende mening van
Jan Tullemans zette mij enorm aan het denken en
bracht mij zodanig in psychische problemen dat
ik de hulp van een psycholoog nodig had om hier
weer uit te komen. Toch ben ik Jan Tullemans
hier enorm dankbaar voor. Het was een omme-
keer in mijn leven.”
Jan aan het werk met een van zijn schildersklasjes.
22
1...,12,13,14,15,16,17,18,19,20,21 23,24,25,26,27,28,29,30,31,32,...36
Powered by FlippingBook