wat
zou
jij
doen
met
f milie
bedrijven
Hoe het worden zal?
De kleinkinderen van de creatieve ondernemer
Frans Heijnen, Fabiën (16) en Jill (13), kunnen ooit
de opvolgers zijn van hun tevens ondernemende
vader en moeder. Jill vindt fotografie erg interes-
sant. Voor dochter Fabiën ligt het nog meer voor
de hand. Zij volgt de creatief-technische opleiding
St. Lucas in Boxtel. Daar voelt zij zich als een vis
in het water. Of een van de dochters de estafet-
tekwast van hun vader Edward zal overnemen, is
ongewis. Daarvoor is het nog te vroeg. Maar…wat
niet is, kan nog komen.
Hoe het is
Voorlopig gaat Edward Heijnen (47) nog een hele
poos door met zijn bedrijf. Hij heeft er na 25 jaren
nog steeds lol aan. Samen met zijn twee mede-
werkers gaat hij iedere dag op pad, langs particu-
lieren, projecten en bedrijven om de wereld iets
mooier te kleuren. Gooi het hoofd eens in de nek
bij Brasserie-Hotel Antje van de Statie in Weert.
Daar schilderde Heijnen het plafond van de Hee-
renkamer.
De loopbaan van echtgenote Natascha (44) startte
bij het Kruidvat in de drogisterij. Dat kwam la-
ter mooi uit in de toenmalige winkel van Heijnen,
waar Frans en echtgenote Joke er destijds een
drogisterij bij waren gestart. Toen Frans wegens
gezondheidsredenen de schilderskwast moest la-
ten staan, legde hij zich meer toe op de lijsten-
makerij en de winkel. Hij leidde Natascha op tot
volleerd lijstenmaker. Sinds het overlijden van
Frans in maart 2015 zet Natascha de lijstenmake-
rij alleen voort.
Net als dochter Fabiën ging ook Edward naar de
opleiding in Boxtel, toen nog ‘Schilders School’.
Na zijn schooltijd ging hij aan de slag bij schil-
dersbedrijf Jac Ruyters BV in Echt. Toen Frans een
acute nekhernia kreeg en moest stoppen, toog
Edward met lood in de schoenen naar de directie
van Ruyters. Hij kreeg echter alle hulp om de zaak
thuis over te nemen. Met Edward aan de schilder-
scepter werd het schildersbedrijf een opleidings-
bedrijf. Op die manier kon Edward zijn eigen per-
soneel opleiden, aangezien vakmensen nog maar
moeilijk aan te trekken bleken.
De stap om het bedrijf over te nemen, was een on-
zekere stap. Edward nam als 22-jarige een minder
gezond bedrijf over. Frans was van het plannen
maken en uitvoeren. Hij wilde vooruit, groeien,
omzet maken. Was altijd vooruitstrevend, met
niet altijd een goede afloop. Toen Edward de zaak
in 1992 overnam, vond vader Frans dat Edward
een loods moest kopen om meer bedrijfscapaciteit
te kunnen creëren. Een gedachte voor een dromer,
vond Edward. Hij huurde – heel eenvoudig en met
weinig bedrijfsrisico - een kippenhok en deed daar
zijn grotere schilderwerkzaamheden.
In eerste instantie werkte Frans nog mee in de
zaak. Maar zijn onrustige geest en zijn niet na-
latende eigenschap om de ander te verbeteren,
zette Edward aan tot een goed gesprek met pa,
waarna de onderlinge verhoudingen voor altijd
duidelijk geschetst waren.
De opdrachten die vader nog open had staan,
maakte Edward keurig af, waarna hij zijn eigen
weg ging. Frans werkte veel voor aannemers. Ed-
ward zag hier minder zijn brood in en richtte zich
vooral op de particuliere markt, zorginstellingen,
scholen en wooncomplexen.
Het jonge stel gaf hun eigen draai aan de zaak. Ze
namen de winkel flink onder handen, deden de dro-
gisterij van de hand, handhaafden nog kortstondig
het postagentschap en breidden de lijstenmakerij
uit. In een mum van tijd vergrootte Edward de om-
zet door allerlei klussen aan te nemen: het schil-
deren van de desks van de Staatsloterijshow en
het maken van de bijbehorende badges, het ma-
ken van het decor voor het programma ‘Let’s Have
a Party’ van illusionist Hans Kazan en het schil-
deren van tussenwanden en maken van glas-in-
loodramen voor meubelzaken. Met dat laatste kon
het bedrijf zich meten met Hans Kazan, aangezien
het hier ook om een illusie ging. Een glasillusie van
plaklood, maar niet minder functioneel. Ook het
machinaal aanbrengen van behang en glasvlies, en
het airless spuiten van muurverf was een aanvul-
ling voor het schildersbedrijf. Al gauw genoeg was
het bedrijf weer een bloeiende organisatie.
Hoe het was
In zijn jonge jaren werd van Frans gezegd: “Die
komt er wel.” Met zijn creativiteit en inventiviteit
heeft hij menig probleem opgelost en is hij me-
nige uitdaging aangegaan. De door hem gestarte
Verfhal in Nederweert-Eind was de eerste serieuze
aanzet voor wat later Heijnen Decor werd. Op de
foto is te zien hoe heerlijk eerlijk de verfhal ge-
stalte kreeg. In een veld een schuurtje bouwen en
daar een behang- en verfwinkel beginnen zou te-
genwoordig nagenoeg ondenkbaar zijn. Zonder on-
dernemersplan, zonder zware hypotheek, zonder
gigantische bouwkosten, maar met enthousiasme
en ambitie. Zijn moeder stond in het begin in de
zaak. Van het geld dat in de winkel werd verdiend,
bouwde Frans het huidige pand aan de Pastoor
Maesplein, waar hij samen met zijn vrouw in 1967
de speciaalzaak startte.
In zijn ambitie als bedrijf te kunnen groeien, kocht
hij in 1979 een pand nabij het Aerthijsplein in Os-
pel. Jammer genoeg kwam weldra de economi-
sche crisis, waardoor hij na slechts vijf jaren het
hoofd moest buigen voor de crediteuren die, hoe-
wel deze ondernemer jarenlang goedgezind, hem
op den duur toch voor het blok zetten. Hij kon
Schildersbedrijf
Heijnen Decor
Neder
Tegenwoordig mag het een wonder heten als een bedrijf het 50-jarig bestaan kan vieren. Heijnen Decor
met lijstenmakerij en schildersbedrijf in Nederweert-Eind, heeft dat geluk. Wat dit kwaliteitsbedrijf wil?
Mooi werk leveren. Klein blijven, met aandacht voor de klant. Een bedrijf dat tot in de wijde omtrek zijn
sporen heeft verdiend in de wereld van behang, verf en lijsten. Een bedrijf dat trots is op zijn verleden
en dat met vaste klanten en belangstellenden vierde met een uniek jubileumprogramma.
Door Francis Bruekers
Mooi werk leveren.
Klein blijven, met
aandacht voor
de klant.
18