24 januari 2026 | Auteur: Monique van den Brandt
Timo Nijs in Rome: ‘Het leven is hier echt anders. Langzamer, chaotischer, maar ook intenser.’
Rome. Een stad van marmer, mythes en massa’s toeristen. Maar ook de plek waar de 23-jarige Weertenaar Timo Nijs sinds september woont en studeert. Voor zijn minor vertrok hij naar Italië, naar een stad die al snel meer bleek dan een studiehoofdstuk. Terwijl hij colleges volgt op een eeuwenoude universiteit, leert hij tegelijk wat het betekent om te leven in een land dat chaotisch en warm tegelijk aanvoelt. En vooral: wat het betekent om even weg te zijn van Weert.

Van Molenakker naar het Vaticaan
Wie Timo spreekt, merkt onmiddellijk zijn nuchtere, rustige manier van vertellen. Hij groeide op in Molenakker, in een warm gezin bestaande uit zijn vader Pieter, zijn moeder Laura en zus Mirthe. De laatste jaren veranderde er veel thuis: zijn moeder heeft al lange tijd de ziekte MS. “Ze zit nu in een elektrische rolstoel. Dat heeft onze manier van leven veranderd. Als gezin neem je dan dingen over. Hoewel haar ziekte de thuissituatie flink op de schop heeft genomen, heeft dit er ook voor gezorgd dat ik echt beseft heb wat verantwoordelijkheid inhoudt en hoe het is om voor een dierbare te zorgen. Dit heeft al op jonge leeftijd veel impact op mij gehad. Het overnemen van taken in huis heeft mij onbedoeld zelfstandig gemaakt en mij gemaakt tot wie ik vandaag de dag ben.” Als bijbaantje werkt hij al acht jaar bij Jumbo op Molenakker, waar hij inmiddels teamleider is. Na de Philips van Horne volgde Timo het mbo, en daarna de hbo-opleiding Commerciële Economie aan Avans in Den Bosch. Voor zijn stage werkte hij op de afdeling marketing van FC Den Bosch Werkt; een samenwerking tussen een uitzendbureau en de voetbalclub FC Den Bosch. “Deze stage heeft me laten zien dat ik Den Bosch een erg leuke en gezellige stad vind.” Maar hoe leuk de Brabantse hoofdstad ook is, het buitenland lonkte.

Het besluit om te gaan
Toen Avans vorig jaar bekendmaakte dat studenten hun minor in het buitenland konden volgen, hoefde Timo niet lang na te denken. “Iedereen die het had gedaan, was positief. Je hoort die verhalen en dan denk je: dat wil ik ook.” De opties lagen open: Lissabon, Milaan of Rome. Maar het was Rome dat bleef hangen. Niet per se omdat de studie daar het beste was, maar omdat de stad als geheel hem intrigeerde. “Ik was nog nooit in Italië geweest. Dat vond ik juist mooi. Dan ga je blanco ergens in.” Dat het regelen van verzekeringen, universiteitskeuzes, vakkenpakketten en beurzen meer tijd en energie zou kosten dan hij had gedacht, nam hij voor lief. “Er kwam echt veel bij kijken. Maar elke stap die je zet, brengt je dichter bij het idee dat je dit gewoon echt gaat doen.” Uiteindelijk vond hij, samen met een Avansstudent uit Breda, een appartement in Rome. “We kenden elkaar nog niet. Voorafgaand aan dit avontuur hebben we kennis gemaakt onder het genot van een biertje. We konden het meteen goed vinden samen. We zijn daarna op zoek gegaan naar woonruimte. Nu delen we een prachtig appartement onder het Vaticaan!”

Studeren in een stad die leeft van geschiedenis
Timo volgt zijn lessen aan LUMSA Università, de op één na oudste universiteit van Rome. De katholieke sfeer is er overal. “In elk lokaal hangt een Jezusbeeld. En er zijn aparte ruimtes om te bidden. Dat is even wennen als je uit Nederland komt.” Zijn vakkenpakket is breed: Digital Marketing, Brand Management & Media Planning, Economics, Corporate Strategy & Sustainability en – in eerste instantie – Italiaans. Aan dat laatste bewaart hij gemengde gevoelens. “Ik wilde zó graag Italiaans leren. Maar de docente sprak bijna geen Engels. Alles ging in het Italiaans. Dat was gewoon niet te doen.” Na een paar avonden besloot hij het vak te laten vallen. Toch gaf hij niet op: hij leerde zichzelf basiszinnen aan en ging, ondanks de taalbarrière, steeds vaker gesprekken aan met locals. “Voor een bestelling in een restaurant of in de supermarkt red ik me nu wel. En dat voelt toch als winst.” De rest van zijn lessen volgt hij in het Engels, samen met studenten uit heel Europa. “Iedereen is nieuw. Dat maakt het makkelijk om vrienden te maken.”

Rome: georganiseerde chaos
Timo koos voor een universiteit die midden in het Vaticaan gelegen is, zodat hij niet elke dag extreem lang hoefde te reizen. Maar daarbij had hij geen rekening gehouden met de Italiaanse buschauffeurs. “Het openbaar vervoer is echt een avontuur. Bussen maken hun eigen plan; ze komen te vroeg, te laat, of komt gewoon helemaal niet opdagen”, zegt Timo. “Gelukkig leer je na een tijdje wel handigheid hierin te vinden, zodat je toch nog op tijd op school bent.” Het typeert de Italiaanse cultuur en hun manier van leven. “De mensen hier zijn veel lakser en zullen zich niet snel haasten. ‘Het komt wel’ is hun motto. Er wordt ook helemaal niet raar opgekeken als mensen een half uur te laat komen”, vertelt Timo lachend. Daar staat tegenover dat mensen meer tijd nemen voor elkaar. “In Nederland zijn gesprekjes vaak kort, maar hier zijn sociale gesprekken, onder het genot van een espresso, echt onderdeel van het dagelijkse leven. Het is heel mooi om te zien hoe de mensen hier kunnen genieten van een lekker kopje koffie, en ik doe daar inmiddels maar al te graag aan mee.”

Ontdekkingen, hoogtepunten en 21 kilometer door de stad
Inmiddels heeft Timo al veel van Rome gezien. De klassiekers natuurlijk – Colosseum, Trevifontein, Forum Romanum. Maar ook de plekjes waar je geen toeristen vindt: mooie onbekende kerken, uitzichtpunten over de stad, stille pleintjes, smalle steegjes waar de was boven je hoofd wappert. “Rome is mooier naarmate je er langer blijft. De eerste weken zie je wat iedereen ziet. Pas daarna zie je de stad zelf.” Eén bijzonder hoogtepunt dat hij nooit zal vergeten is de lopen van de halve marathon van Rome. “Eenentwintig kilometer dwars door het centrum. Met ontzettend veel mensen langs de kant die je aanmoedigen tot de finish. Dat was echt magisch”, vertelt Timo enthousiast. Daarnaast maakt hij regelmatig tripjes buiten Rome. Een weekend Florence. Een dag Marino. En een reis naar Marokko via een Erasmus-organisatie. ”Voor een prikkie zes dagen op en neer naar Marokko, waar je Marrakesh van binnen en buiten leert kennen. We gingen enkele dagen richting de woestijn waar je een mooie tocht maakt op een kameel en op een buggy rijdt. Een supermooie toevoeging aan deze toch al mooie reis!”



Tussen twee plekken: Rome en Weert
Rome is dit jaar uitgeroepen tot favoriete kerstbestemming 2025. Timo’s minor loopt nog tot eind januari. Dat betekent dat hij de Kerstdagen in Rome door gaat brengen. Van de ene kant een bijzondere ervaring om mee te maken, van de andere kant jammer om niet thuis te kunnen zijn. “Kerst is toch echt een feest dat je samen met je familie wilt doorbrengen. Maar een Kerst meemaken in Rome is ook geen straf!” Hij kijkt uit naar de komende maanden in Italië. Naar de laatste plekjes van de stad die hij nog wil zien. En misschien nog een tripje naar Milaan of Napels. “Deze steden trekken mij mede door de voetbalcultuur.” Hij kijkt ook uit naar de bezoekjes van vrienden uit Weert die langs gaan komen. “Ik wil hen een kijkje geven in mijn leven hier in Rome. Het voordeel is dat ik de stad al goed ken, waardoor ik ze de stad vanuit een lokaal perspectief kan laten zien. Met plekjes en hotspots die toeristen vaak over het hoofd zien. Ik kijk er erg naar uit!”

Terug- en vooruitkijken
Eind januari keert Timo terug naar Weert. Dan begint zijn afstudeerperiode. Via een gewonnen schoolprijs kwam hij in contact met een marketingbedrijf dat hem meteen uitnodigde voor gesprekken. “En nu ga ik daar vanaf februari afstuderen. Dat voelt echt als een mooie kans.”
Of hij later in Nederland blijft? “Voor nu wel. Ik vind het fijn om Nederlands te praten. Om mensen om me heen te hebben die ik ken.” Maar één ding is zeker: de blik is breder geworden. “Vroeger dacht ik nooit aan wonen in het buitenland. Nu denk ik: waarom niet? Je leert zóveel. Tot nu toe zou ik dit avontuur voor geen goud willen missen. Ik kan het iedereen aanraden.”
Als we ons gesprek afsluiten, heeft Timo alweer een leuke avond in het vooruitzicht. “We gaan naar een Ierse pub om de voetbalwedstrijd Polen – Nederland te kijken. Met een biertje natuurlijk,” lacht hij. “Want sommige dingen veranderen nooit.”