Ik was verslaafd aan aandacht, porno kijken en cocaïne. Alles extreem.’

Ervaringsdeskundige wil verslaafden gaan begeleiden

“Verslaving is een ziekte. Een chronische, progressieve en dodelijke ziekte”, stelt Herold Dat (54) halverwege ons gesprek. “Als ik nu weer terugval en weer aan de coke raak, ben ik binnen enkele maanden terug bij af en ligt de dood op de loer. Dat doet dat spul met je lichaam.” Met zijn kennis als ervaringsdeskundige en jarenlange ervaring als coach en onderwijzer wil hij verslaafden in herstel na hun afkickperiode helpen overeind te blijven. Dat gaat hij doen met zijn vriendin Jolanda Maes, die met haar kennis van de zachte kant een belangrijke aanvulling biedt in hun aanpak. Maar om tot hier te komen heeft Herold zich na een leven vol verslavingen moeten terugvechten, zijn gedrag onder ogen moeten zien en moeten ombuigen naar nieuw gedrag. Openhartig doet hij zijn verhaal.

Hoe was je jeugd en hoe groeide je op?

“Ik kom uit Asten, ben enig kind en heb een fijne jeugd gehad. Sport beheerste ons gezin. Mijn moeder korfbalde op hoog niveau en mijn vader heeft lang in de hoofdklasse gevoetbald. De gedrevenheid die zij hadden sloeg al snel over op mij. Toen ik vroeger Joop Zoetemelk de Tour de France zag winnen, zei ik tegen mijn moeder: ‘Dat wil ik ook’, waarop mijn moeder zei: Da kunde gij toch nie, manneke.’  Dat bleek achteraf zo’n trigger voor me te zijn dat ik als tiener obsessief ging trainen. Ik werd wielrenner. En een hele goeie! Ik won bij de amateurs veel wedstrijden en werd als militair zelfs meerdere keren Nederlands kampioen. Ik won zelfs het Europees Militair Kampioenschap. Door dat ene zinnetje ontwikkelde ik in de rest van mijn leven een enorme geldings-en bewijsdrang, omdat ik dacht: als ik maar presteer, dan doe ik ertoe.”

Waar leidde dat toe?

“Het onderliggende gedrag werd zo erg dat ik dat wilde dempen met middelen. Dat werd een verslaving. Door het obsessieve gedrag werd ik mateloos, sloeg ik door. Soms deed ik het gewoon voor mijn ouders. Ze waren heel liefdevol, maar op sportgebied wel kritisch. Als ik niet had gewonnen, wees mijn vader me op de fouten die ik in de koers gemaakt zou hebben. Het gevolg was dat ik mezelf nog meer ging dwingen tot harder trainen. Dat deed ik ook in mijn werk bij defensie. Ik zocht de extremen op: steeds verder, steeds harder en steeds veeleisender. Ik trouwde en kreeg drie kinderen, maar was bijna nooit thuis. Enerzijds door mijn wielercarrière, anderzijds door de vele meerweekse oefeningen vanuit defensie. Gemiddeld was ik 30 weken per jaar van huis, ik hunkerde op alle vlakken naar aandacht en erkenning. Ik was wel een mannetje in die tijd, alleen besefte ik het destijds niet.”

Totdat?

“Op mijn 33e stopte ik met wielrennen om meer aandacht te hebben voor mijn gezin. Althans, dat dacht ik. Maar met het stoppen viel direct heel veel aandacht weg, waardoor ik automatisch in de compensatiemodus schoot. Ik zocht binnen defensie naar steeds zwaardere functies, ging zeer zware koudweer-opleidingen volgen om vervolgens veelvuldig met Militaire Eenheden te gaan klimmen in de Duitse en Zwitserse Alpen. Alles om maar gezien te worden. Ik was bijna nooit thuis en dus ook niet beschikbaar voor het gezin. Alles moest op mijn manier. Ik was een behoorlijke ‘dwingaap’. In 2013 was ik het zo zat bij defensie dat ik daar, na 22 jaar loyaal te zijn geweest, stopte en een eigen bedrijf begon in coaching en mentale weerbaarheid. Mensen trainen in crisisbeheersing, mentale veerkracht en persoonlijk leiderschap. Zaken waarin ik mij als militair onderscheidde en waar ik goed in was. Voor ieder ander wist ik precies wat ze moesten doen, alleen voor mezelf maakte ik er steeds meer een puinhoop van.”

En toen zwichtte je voor cocaïne

“In 2017 mochten vier onbekende Nederlanders deelnemen aan het bekende Tv-programma Expeditie Robinson. Met nog 21.000 anderen gaf ik mij hiervoor op en deed ik er alles aan om maar geselecteerd te worden. Ook nu weer in het extreme. Uiteindelijk mocht ik meedoen en bereikte ik de halve finale. Vanaf september 2017 was ik zestien weken lang elke week op TV te zien en tijdens de opnames van de finale-uitzending in december waren wij met alle deelnemers aanwezig.  Om erbij te horen liet ik me daar verleiden tot mijn eerste lijntje cocaïne. Het gaf een enorme boost en geweldig gevoel, de cocaïne kreeg me in haar greep en beetje bij beetje zette mijn gedrag zich om naar een echte verslaving. Zoals alles in mijn leven leidde ook dit weer tot extreem gedrag. In de coronaperiode explodeerde mijn gebruik en glipte mijn relatie me uit mijn handen, zonder dat ik het in de gaten had. Een verslaving gaat van mateloos, naar stuurloos, tot machteloos, er was geen houden meer aan.”

Je bent zo’n uitgesproken type met een enorme drive. Realiseerde je je toen niet dat dit fout ging?

“Nee. En daar zit precies het gevaar van verdovende middelen. Het gebruiken tast je brein aan. Je verliest daardoor de rationele kijk op zaken. Nadenken over oorzaak en gevolg is er niet meer bij, je wordt een meester in liegen en bedriegen. Verslaafden manipuleren enorm, ze houden hun omgeving én zichzelf voor de gek. Ik dus ook, ik was een monster, deed alles om maar aan mijn middel te komen en te kunnen gebruiken.
In die periode heb ik met verschillende middelen geëxperimenteerd. Op een bepaald moment werd ik met het roken van een crackpijpje betrapt door mijn ex-vrouw. Dat was voor haar de druppel. ‘Hier stopt het’, waren haar woorden. We hebben nog een half jaar in hetzelfde huis gewoond en in mei 2023 vertrok zij en bleef ik achter in onze in 2018 nieuwgebouwde woning.”

Wat was de ommekeer?

“Ik had behoorlijk zelfmedelijden en greep naar medicatie zoals slaapmiddelen en antidepressiva en ik betrapte mezelf op suïcidale gedachten. Ondertussen had ik naast het cocaïnegebruik ook een seksverslaving ontwikkeld. Ik keek vaak avonden achter elkaar op mijn kamertje naar porno. Het verslaafd zijn nam extreme vormen aan. In september 2023 zou mijn oudste dochter gaan trouwen en zij sprak uit dat ze mij alleen op haar bruiloft wilde ontvangen als ik clean zou zijn. Met dat in het achterhoofd was ik korte periodes clean maar viel ik telkens terug. Het lukte me niet om clean te blijven. Daarnaast had ik suïcidale gedachten en deed ik een poging om uit het leven te stappen. In die periode kwamen mijn vrienden fulltime voor me zorgen en praatten op me in om me te laten opnemen in een kliniek. Zij hebben mij min of meer gered en overtuigd om me te laten helpen. Met mijn oudste dochter ging ik naar het intakegesprek en twee dagen later bracht zij mij, zes weken voor haar bruiloft, naar de kliniek.

Vijf weken heb ik in de kliniek gezeten. In de eerste week kreeg ik op een dag de scheidingspapieren van mijn vrouw die ik moest ondertekenen. Behoorlijk confronterend, kan ik je zeggen. Maar wat nog erger was, waren de zogeheten schadebrieven die je gezin aan jou moet schrijven. Dat is onderdeel van het proces. Je vrouw en je kinderen spreken jou als verslaafde aan op de schade die jij hebt aangericht in hun leven. Dat, in combinatie met de confronterende aanpak van mijn counselor, zorgde ervoor dat ik na drie weken kliniek brak. Eindelijk besefte ik de problemen die ík had veroorzaakt. Dat opende de weg naar herstel.”

Hoe verliep het vervolgtraject?

“In de kliniek maken ze je telefoon helemaal leeg. Alle contactgegevens van verkeerde personen, zoals dealers en andere drugs-gerelateerde contacten worden verwijderd. Dat doen ze heel goed en bijzonder scherp. Je maakt kennis met het 12-stappenprogramma waar je je aan moet houden. Ik realiseerde me: als ik nu weer ga gebruiken, ga ik binnen afzienbare tijd dood.
Het mooie is dat veel van je fellows uit de kliniek, verslaafden in herstel, elkaar kunnen en moeten helpen. Je krijgt telefoonnummers van elkaar en wanneer je het moeilijk hebt, kun je elkaar bellen. Want zeker in het begin van mijn herstel kwam regelmatig die verslavingsstem weer om de hoek kijken. Nu heb ik daar meer grip op, de hulp van het ‘fellowship’ is superbelangrijk.
Ook ging en ga ik nog steeds, naar bijeenkomsten van CA en NA (Cocaïne Anonymus en Narcotics Anonymus), praatgroepen voor verslaafden in herstel. Ook gaan wij naar praatgroepen voor naasten, want zij zijn – ongewenst- ook onderdeel van jouw verslaving en van jouw herstel geworden.” 

En in die fase ontmoette je Jolanda.

“Ja, zij kwam als een geschenk. Ik was toen ruim drie maanden clean. Zij is zo belangrijk in mijn leven. Op onze tweede date ben ik heel open en eerlijk geweest en heb ik verteld over mijn verslavingen en dat ik in herstel was. Het eerste wat ze zei was: ‘Ik ga niet de reden van jouw terugval zijn.’ De manier waarop zij daarmee omging heeft mij gebracht tot wie ik nu ben. Zij doorziet heel veel, voelt ook vroeg dingen aankomen en aait mij niet. Ze houdt mij een spiegel voor en stelt grenzen. Alles vanuit liefde. Herstel doe je zelf, maar met een partner aan je zijde is het minder moeilijk. Na ruim drie maanden wisten we dat de klik zodanig was dat we een relatie aandurfden.”

Hoe was dat voor jou, Jolanda?

“Ik bewonderde de openheid en eerlijkheid van Herold. Ook hoe kwetsbaar hij zich opstelde. Ik heb ook een rugzakje en voelde direct dat we op hetzelfde level zaten. En nu, 2½ jaar later, voelt dat nog steeds zo. Ik heb een HR-achtergrond dus ben wat dat betreft direct, duidelijk en resultaatgericht ingesteld. Maar ik ben daarnaast ook voetreflexoloog, Reiki-master en doe systemisch werk met familieopstellingen en ANKH-therapie (energetische behandelmethode). Wat dat betreft ben ik deels van de zachte kant, maar wel helder in het stellen van grenzen. Daarin vullen we elkaar perfect aan. En juist dat willen we uitrollen en delen om anderen te helpen en te ondersteunen.”

Herold, jij sprak over een stigma dat rust op verslaving.

“Uit cijfers blijkt dat er in ons land 2,5 miljoen mensen verslaafd zijn, waarvan slechts vier procent hulp zoekt. De rest zwijgt. Uit angst voor oordeel en schaamte en vooral uit angst voor afwijzing. Wij willen mensen stimuleren om er open over te zijn en te ervaren dat anderen je juist gaan omarmen in plaats van afwijzen.
Ik heb persoonlijk gemerkt dat openheid leidt tot zichtbaarheid en dat geeft je herstel een enorme boost. Zichtbaarheid dus, in plaats van anonimiteit. Er valt een last van je schouders als je dat geheim niet meer hoeft te dragen.

Om dat stigma weg te trappen ben ik in augustus met een toerfiets op weg gegaan naar Alberobello in Italië. 2.760 km naar de meest zuidoostelijke streek Puglia.”

Waarom ondernam je deze tocht?

“Ik wilde hiermee voor mezelf én voor anderen duidelijk maken dat schuld en schaamte de grootste obstakels vormen in herstel. Want ook ik worstelde met schaamte en schuld naar mijn naasten uit het verleden. Wat ik voor schade heb aangericht en wie ik daarmee pijn heb gedaan. Nog steeds merk ik dat contact met mijn ex en mijn kinderen voor mij triggers zijn. Die contacten brengen me af en toe nog aan het wankelen en voeden mijn schuldgevoel.

Onderweg tijdens die 22-daagse fietstocht ben ik mezelf veelvuldig tegengekomen. Door in beweging te zijn komen zaken los. Ik heb veel gehuild, voelde me soms erg nietig, heb gevloekt en was nederig. Uiteindelijk heb ik het schuldgevoel van me af weten te trappen. Op enig moment heb ik besloten om uit het bankje van de veroordeelde verslaafde te stappen. Ik ben niet de verslaafde, ik ben Herold. Toen ik dit echt kon inzien, lukte het me om het schuldgevoel achter me te laten. Man, wat luchtte dat op. Die opluchting willen we anderen ook geven.”

Jolanda, waarom was juist Puglia de eindbestemming?

“We hebben het plan om op termijn in die streek van Italië een bewustzijnscentrum te realiseren. We kiezen voor het zuiden van Italië vanwege de geweldige omgeving, de rust die de natuur uitstraalt, het heerlijke eten en de gemoedelijke sfeer. Het centrum krijgt de naam ‘Dolce far Niente’, letterlijk: de zoete kunst van het nietsdoen. Nietsdoen is de kunst om stil te staan, te voelen en aanwezig te zijn. Want pas als we ophouden te vechten tegen wat is, ontstaat er ruimte om te helen.

Zes maanden per jaar is het B&B en vijf maanden begeleiden we verslaafden in herstel. Het eerste jaar na afkicken in een kliniek is het moeilijkste en liggen de gevaren op de loer. Na één jaar clean zijn begint je brein te herstellen en wordt je drang naar middelen alsmaar minder. Wij willen hulp bieden bij de grip op herstel. In kleinschalige groepen van 6-8 personen gaan we trajecten van 11 en 22 dagen aanbieden. Herstel gaat niet alleen over stoppen. Het gaat over leren leven zonder te vluchten. Bij ‘Dolce far Niente’ geloven we dat echte verandering begint bij aandacht, balans en betekenis.
We zijn bezig met het uitwerken van onze plannen en de financiële realisatie. Hiervoor zijn we op zoek naar maatschappelijke investeerders die hieraan willen bijdragen.”

Ondertussen zijn jullie hier in Nederland ook actief.

Herold: “Dat klopt. Tot het centrum in Italië gerealiseerd is, gaan we hier in Weert light-programma’s aanbieden. Vijf dagdelen verdeeld over vijf weken. We ondersteunen mensen die hulp nodig hebben en verzorgen interventies om terugval te voorkomen. Mentale weerbaarheid en veerkracht. Daarnaast bieden we een overbrugging tussen het vangnet van een safe-house en zelfstandigheid. Een tussenfase in de moeilijkste periode van het herstel. Ik bouw op mijn eigen ervaring als verslaafde en mijn kennis als coach. Dit in combinatie met het inzicht, de kennis en vooral de unieke persoonlijkheid van Jolanda.” 
Jolanda: “We zijn ook bezig een theatershow te schrijven over het levensverhaal van Herold. Hierin spelen we eigenlijk onszelf. We laten de verslavingen van Herold zien, de wanhoop en machteloosheid waarin hij terechtkwam, zijn bewustwording en zijn verblijf in de kliniek. En ook het moment dat ik in zijn leven kwam en wat zijn openheid met hem deed. We willen zichtbaarheid geven aan het stigma. En tonen dat erover praten enorm kan opluchten. Het wordt een theatervoorstelling waar vooral kracht en hoop de boventoon voert.”

Herold: “Bij onze programma’s richten we ons ook op de naasten: partners, ouders en kinderen. Zij hebben heel veel te verduren gehad door te leven met een verslaafde. Hun rol is belangrijk voor de verslaafde in herstel, maar ook voor henzelf. Wij kunnen echt iets toevoegen en hebben wat te brengen. De optelsom van onze kennis en ervaring is van waarde voor anderen. Want we moeten het stigma doorbreken zodat meer mensen de stap naar herstel durven zetten.”