op weg naar
Toen hoorde ik dat de koningin naar Weert kwam. Ie-
mand zei: is dat niks voor jou? Ik had het geluk dat
de gemeente ook al aan mij had gedacht. Ik wilde na-
tuurlijk meteen van alles weten. Maar de gemeente zei:
eerst zeggen of je het doet, en dan vertellen we je pas
meer. Dus ik deed het gewoon! Ook al had ik toen nog
geen idee wat zo’n project precies inhoudt.”
Wat hield het voor jou in?
“Ik was voorzitter van de werkgroep evenementen en
protocol. Mijn taak was om binnen de achthonderd
meter van de Koninklijke route te laten zien wat voor
een stad Weert is. Het hele gebeuren rondom de route
moest worden geregeld, van de loper tot dansgroepen,
van de vraag of sponsoren op shirts mochten staan
tot het de dag van te voren opruimen van afgewaaide
takken.”
Had je in die periode al contact met
het Koninklijk Huis?
“De Koninklijke familie ontmoet je pas op 30 april. De
hofdames kwamen wel regelmatig naar Weert. Je pre-
senteert je voorstel aan henen zij geven hun reactie
daarop. Het is moeilijk om te vertellen hoe veel er bij
komt kijken en waar je allemaal aan moet denken, zo
veel is het. Je moet het ook leuk maken voor de men-
sen langs de route en natuurlijk ook voor de miljoenen
tv-kijkers.
Was je zenuwachtig op de dag zelf?
“Nee. Je krijg op zo’n moment de kans niet om je druk
te maken. Je moet zo veel doen. In mijn spijkerbroek
en op gympen rende ik ’s ochtendsom 6 uur al door de
stad en loste probleempjes op.
als je in Weert had, ook bij ons komen vervullen? Nou,
dat dacht ik wel! Ik was nog nooit in Veenendaal ge-
weest, maar een week later zat ik er voor een gesprek.
Het grote verschil met het organiseren van het feest in
Weert, is dat ik hier veel mensen ken en in Veenendaal
was alles nieuw.”
Dat is wel geluk hebben, dat je zo maar
gevraagd wordt.
“Geluk? Voor een deel is het inderdaad geluk om weer
wat nieuws te vinden. Ik had nooit verwacht dat ik de
kans zou krijgen om Koninginnedag te organiseren,
laat staan twee keer. Maar je hebt zelf aandeel in je ei-
gen geluk. Je moet soms in het diepe durven springen.
Ik denk altijd: ik weet niet of ik het kan, maar ik doe
het gewoon. Ik vraag mij bij een kans niet af of het een
logische stap in mijn carrière is; ik doe iets omdat ik
het leuk vind. Niet dat ik nooit iets eng vind! De eerste
keer dat je een live tv-uitzending presenteert…pfff. In
het openbaar spreken vond ik vroeger echt vreselijk.
Een spreekbeurt op school was het ergste dat me kon
overkomen. Maar toch bleef ik steeds dingen doen die
ik eigenlijk niet durfde en daarvan heb vaak slapeloze
nachten gehad. Dan zei ik tegen vrienden: als me weer
eens iets gevraagd wordt, dan help me eraan herinne-
ren dat ik nee zeg! Maar dan zei ik toch weer ja. Want
als je nooit iets doet wat je eng vindt, dan kom je niet
vooruit.”
En nu is Koninginnedag wéér bijna voorbij…..
“Ik denk dat ik dadelijk weer in een gat val. Ik ben
graag bezig en hou van onverwachte gebeurtenissen.
Ik vind het eigenlijk wel lekker als er iets fout gaat en ik
moet het oplossen. Het liefst wil ik dadelijk weer bezig
zijn met iets waar communiceren, organiseren en pre-
senteren bij elkaar komt. Er komt vast weer iets op mijn
pad; ik spring gewoon weer in het diepe…..”
Suzanne Wolter
Enkele uren later stond ik samen met de burgemeester
bij Ververshof te wachten op het koninklijk gezelschap.
Toen de familie uit de bus stapte, werd ik voorgesteld.
En dan heb je ineens de koningin een hand gegeven!
Dat ging allemaal heel snel, maar ook heel natuurlijk.
De familie is heel goed voorbereid en het zijn ontzet-
tend aardige mensen.”
En wat was jouw taak tijdens het bezoek?
“Het was mijn taak om in de buurt van de koningin en
burgemeester te blijven. Volgens het protocol is het
zo dat je alleen met haar praat als de koningin je iets
vraagt maar daar ben ik niet goed in, haha! Ze waren
heel belangstellend en het blijken op zulke momen-
ten ook gewone,gezellige mensen te zijn. Dat klinkt
een beetje tuttig maar het is echt zo. Dan komt Wil-
lem Alexander gewoon bij je staan en begint met je te
praten.“
En toen vertrok het gezelschap weer….
“Tja… Daarna ben ik het centrum in gegaan waar ik
een tijdje in mijn eentje heb lopen genieten. Bijna net
zo, als toen ik naast de koningin liep. De mensen waren
zó trots op Weert. De gezichten van iedereen, prachtig.
De volgende dag zat ik de beelden terug te kijken, trots
en tevreden, maar ook met pijnlijke voeten, en het ge-
voel alsof ik in een diep gat zat.”
Ging je meteen op zoek naar iets anders?
“Natuurlijk had ik mijn werk bij L1 nog, één dag in de
week. Maar ik ben eerst op vakantie gegaan. Daar
beraadde ik mij over mijn toekomst. Dat was wel heel
moeilijk, na zoiets leuks. En toen kreeg ik een telefoon-
tje uit Veenendaal met de vraag: wil je dezelfde taak
14